14 maart 2023

Senator Van Dijk over voorstel dubbele achternamen

Op dinsdag 13 maart debatteerde de Eerste Kamer over het voorstel om gecombineerde achternamen mogelijk te maken. De bijdrage van SGP-Senator Diederik van Dijk is hieronder te lezen.

Romeo
"What’s in a name?" Deze gevleugelde uitspraak wordt door Juliet vertwijfeld uitgesproken in het beroemde toneelstuk van Shakespeare. Romeo is lid van een rivaliserende familie en daarom mogen Romeo en Juliet niet trouwen. Hun namen verhinderen hun huwelijk en hebben dus een enorme impact. En dan komt de verzuchting van Juliet: What’s in a name? Zij wil immers niet trouwen met een naam, maar met haar geliefde. Het gaat haar helemaal niet om zijn achternaam, maar het gaat haar om hemzelf. Wat zou het trouwens mooi zijn als dit in iedere relatie de boventoon voert. Niet jouw carrière, economische zelfstandigheid, zelfontplooiing of jouw emancipatiestreven centraal, maar liefde die zich wegschenkt aan de ander.

In het voorliggende wetsvoorstel wordt wél een grote betekenis gehecht aan de achternamen. En de allereerste vraag is of wij hier inderdaad te maken hebben met een zaak van groot gewicht. Is hier sprake van een maatschappelijk probleem dat met enige urgentie moet worden opgepakt? Uit de behandeling tot nu toe is dat voor de SGP niet aangetoond. Uit de antwoorden van de regering blijkt dat 32 procent van de ondervraagden van de publiekspeiling voorstander is van de mogelijkheid voor ouders om te kunnen kiezen voor een dubbele geslachtsnaam. Een onderzoek van EenVandaag liet zien dat 27 procent voorstander is. Echter, dergelijke percentages zeggen niets over representativiteit van deze peilingen als niet duidelijk is hoeveel respondenten er waren. De publiekspeiling van Kantar omvatte slechts 1000 respondenten. EenVandaag ondervroeg 25.000 mensen waarvan ruim de helft niets in dit wetsvoorstel ziet (58%). Kan de minister aangeven waarom zij dan meent dat een significant deel van de bevolking heil ziet in dit wetsvoorstel? Is dat niet een iets té fantasierijke interpretatie van de resultaten?

Verder schrijft de minister dat haar departement de afgelopen jaren “in toenemende mate burgerbrieven met een verzoek om de dubbele geslachtsnaam in Nederland mogelijk te maken” ontving. Kan zij aangeven aan welke getallen we dan moeten denken?

Naast dat voor de SGP de maatschappelijke noodzaak nog onduidelijk is, blijft ook onduidelijk of de voordelen van het voorliggende wetsvoorstel wel opwegen tegen de vooral praktische nadelen. De Nederlandse Vereniging voor Rechtspraak plaatste kanttekeningen bij de uitvoering en de kosten voor de implementatie van dit wetsvoorstel bedragen ruim zes ton incidenteel en nog eens twee ton structureel per jaar. Dat is toch een forse uitgave voor een wijziging waar de noodzaak nog niet duidelijk is. Daarnaast is het de vraag welke toekomstige consequenties dit wetsvoorstel heeft. Inderdaad zijn er nu ook meervoudige en/of lange geslachtsnamen. Maar hoe werkt dit als de kinderen van morgen over twintig, dertig jaar met elkaar een relatie aangaan? Met voorliggend voorstel mag elke nieuwe generatie opnieuw een keuze maken voor een gecombineerde geslachtsnaam. Is dit niet een verschuiving van het probleem naar de toekomst?

Mocht men inderdaad een keuze willen maken, dan kan dit niet alleen zomaar leiden tot extra keuzestress, er zal ook iets weg moeten vallen. Immers, de nieuwe geslachtsnaam kan enkel bestaan uit een tweeledige combinatie.

Daarnaast is er het risico dat de gulzigheid van de huidige generatie, een volgende generatie opzadelt met de verplichting om meer namen te laten vallen dan nu het geval is. Immers, uit vier mogelijke geslachtsnamen, moeten er twee vervallen.

Tot slot is er een niet ondenkbaar scenario dat familiaire lijnen op ten duur door het toegenomen aantal opties veel moeilijker terug te leiden zijn. De band met het verleden kan zomaar worden doorgesneden waardoor met elke nieuwe generatie er een nieuwe familiestamboom wordt geplant. Onoverzichtelijkheid en verrommeling van het namenrecht ligt op de loer.

“What’s in a name?” Juliet wilde niet trouwen met een familienaam maar met haar geliefde. Toch zijn namen niet onbelangrijk. Het is begrijpelijk dat ouders iets willen meegeven aan hun kinderen. Dat sommigen de wens hebben om met hun beide achternamen iets mee te geven, is op zichzelf geen vreemde gedachte. Toch is het de vraag of we alles aan de individuele keuzevrijheid moeten overlaten. Tot welke prijs gaat dit? En welke maatschappelijke drang kan er van dit wetsvoorstel uitgaan? Kortom, de SGP heeft nog veel vragen en ziet uit naar de antwoorden van de minister.