Standpunten

Jacht

 

Nederland mag zich gelukkig prijzen met een goede en gevarieerde wildstand. Dat moeten we vooral zo zien te houden. Hazen, konijnen, fazanten, ganzen, eenden, vossen, zwijnen, reeën en ander wild horen in het Nederlandse landschap.

Maar omdat Nederland dichtbevolkt is en geen ongerept natuurgebied, is ingrijpen in de natuur onvermijdelijk. Bovendien geldt ook in de natuur: overdaad schaadt. Als er ergens teveel dieren komen, kan dat leiden tot voedseltekorten, gevaarlijke ziektes, schade en verkeersongelukken. Natuurbeheer door middel van jacht is daarom nodig, voor een gezond, min of meer natuurlijk evenwicht.

Jagers die zich misdragen en stropers moeten hard aangepakt worden.

Gelet op de vele ganzen in Nederland, dienen jagers tijdelijk een landelijke vrijstelling te krijgen om deze ganzen te bejagen. Boeren en tuinders moeten wel vergoeding voor gewasschade kunnen blijven krijgen.

Vossen en kraaien jagen op onder meer weide- en akkervogels. Het is een van de redenen dat er weinig grutto's en kieviten zijn. Jagers moeten voldoende ruimte krijgen om deze roofdieren te bejagen.

Jagers moeten voldoende mogelijkheden krijgen om op een goede manier te jagen, ook in de morgen- en avondschemer en met behulp van lokfluiten en –vogels.