17 maart 2026
Maak aanpak ondermijning niet politiek
Vandaag debatteerde de Eerste Kamer over de Wet transparantie en tegengaan ondermijning door maatschappelijke organisaties. In deze wet krijgen burgemeesters en het OM de bevoegdheid om, bij signalen van ondermijning, inzage te verzoeken in de financiële gegevens van organisaties. Daarnaast moeten donaties van meer dan € 15.000 worden geregistreerd. De wet is al lange tijd in behandeling (sinds 2018) en is vele malen gewijzigd. Dat maakt de behandeling extra complex. U leest hieronder de bijdrage van Peter Schalk.
Mevrouw de Voorzitter, vandaag bespreken we een wetsvoorstel waarin de balans gezocht moet worden tussen verenigingsvrijheid en beïnvloeding van buitenaf. Helaas is het steeds meer noodzakelijk om af te bakenen. Je zou kunnen zeggen dat met de globalisering, gepaard met de digitalisering, het speelveld voor nare krachten van buitenaf steeds ruimer wordt. Om dat in te perken zijn enerzijds maatregelen nodig, anderzijds roepen de inperkingen wel weer nieuwe dilemma’s op.
Daarbij denkt de fractie van de SGP bijvoorbeeld aan het feit dat de burgermeester en het OM de mogelijkheid krijgen om inzage te verzoeken. Dit kan om uiteenlopende redenen. Een organisatie die daaraan onvoldoende medewerking verleent maakt zich schuldig aan een economisch delict. Dat is nogal wat, zeker gezien het feit dat er eigenlijk nauwelijks is bepaald wat een aanleiding kan zijn of aan welke kenmerken een aanleiding moet voldoen. Dat is enerzijds logisch: je wilt niet allemaal criteria in de wet die in de praktijk makkelijk omzeild kunnen worden. Anderzijds wil je ergens wel kaders zodat toepassing van de bevoegdheid transparant en verantwoordbaar blijft.
- Is met deze wet de juiste balans gevonden?
Het Nederlands Genootschap van Burgemeesters en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten hebben tijdens de deskundigenbijeenkomst in de Eerste Kamer op 25 november 2025 aangegeven dat de bevoegdheid tot het doen van een informatieverzoek niet past bij de rol en de taak van de burgemeester. Het opvragen van donatiegegevens valt niet onder het onmiddellijk en/of met feitelijke middelen optreden tegen zich acuut aan doende (dreigende) verstoringen van de openbare orde. Er is een risico dat de bevoegdheid politiek wordt gemaakt, bijvoorbeeld als een gemeenteraad daartoe moties gaat indienen tegen een onwelvallige maatschappelijke organisatie.
- Is dat probleem voldoende afgewogen bij dit wetsvoorstel?
- Was het niet logischer om deze bevoegdheid volledig bij het OM te laten, en ervoor te zorgen dat de burgemeester bijvoorbeeld wel een signaal naar het OM kan geven n.a.v. ordeverstoringen?
Overigens is niet voorzien in de mogelijkheid om bezwaar aan te tekenen tegen een informatieverzoek.
- Is het mogelijk om dit in de toekomst op te gaan nemen, bijvoorbeeld in het wetboek van strafvordering? Of acht de minister dat ongewenst?
Een ander punt van zorg is de mogelijkheid van het stakingsbevel. Op verzoek van het openbaar ministerie kan de rechtbank een maatschappelijke organisatie die activiteiten ontplooit die erop gericht zijn de Nederlandse democratische rechtsstaat of het openbaar gezag te ondermijnen of klaarblijkelijk dreigen te ondermijnen een bevel voor de duur van maximaal twee jaar opleggen tot het onthouden, staken en gestaakt houden van bepaalde activiteiten, indien dit bevel noodzakelijk is om deze ondermijning of de gevolgen ervan af te wenden. Dit is een verstrekkende bevoegdheid.
- Is voor dit wetsvoorstel voldoende aangetoond dat het stakingsbevel noodzakelijk is? Is onderzocht of de bestaande wettelijke bevoegdheden niet al voldoende soelaas bieden om de activiteiten die het stakingsbevel in de Wtmo wil aanpakken, effectief te bestrijden?
- Kan de minister aangeven hoe deze vragen zich verhouden tot het belang van het tegengaan van ondermijnende activiteiten? Is voldoende helder wanneer, onder welke criteria, een activiteit als ondermijnend moet worden gezien?
Mevrouw de Voorzitter, de fractie van de SGP heeft nog wel zorgen over de extra lastendruk voor organisaties. Die zouden in de derde nota van wijziging zijn weggenomen, maar die nota is wat vaag. Bijzonder genoeg stond in het primaire voorstel dat het zou gaan om donaties uit het buitenland, maar in de derde nota van wijziging wordt artikel 2 aangepast en is de buitenlandse herkomst van de donatie niet langer relevant.
Wel is gewijzigd dat het alleen gaat om gegevens die nu ook al moeten worden bijgehouden. Dus in dat opzicht is er sprake van een verbetering.
Er is nog wel een andere vraag ten aanzien van organisaties of kerkverbanden die standpunten huldigen die maatschappelijk gezien onder druk staan. Is er sprake van ondermijning van de rechtsstaat als een organisatie geen voorstander is van een burgerlijk huwelijk van mensen van hetzelfde geslacht, of als een prolife organisatie het zogenaamde recht op abortus als mensenrecht bestrijdt?
- Zou het niet beter zijn als de ondermijning gekoppeld kan worden aan gedragingen die verboden zijn in het wetboek van strafrecht? Waarom is daar niet voor gekozen?
Mevrouw de Voorzitter, resumerend ziet de fractie van de SGP dat in dit wetsvoorstel een poging wordt gedaan om onwenselijke buitenlandse beïnvloeding door donaties bij maatschappelijke organisaties in Nederland tegen te gaan. Mijn fractie juicht dat toe, maar is nog bezorgd over de juiste afbakening. Ik zie daarom, zoals altijd, uit naar de beantwoording door de minister.